Snellere diagnostiek bij geïnfecteerde heup- en knieprotheses kan het verschil maken tussen herstel en een maandenlang, invaliderend traject. Het bedrijf Sabiad ontwikkelt technologie die bacteriële infecties zichtbaar maakt en in de toekomst zelfs gericht kan vernietigen. “Bij implantaatinfecties draait alles om tijd,” zegt Saskia van den Dool, co-founder en COO van Sabiad. “Zodra zich een biofilm vormt op het implantaat, neemt de kans op succesvolle behandeling snel af.”
Bacteriële infecties rond gewrichtsimplantaten behoren tot de meest hardnekkige complicaties in de orthopedie. Jaarlijks krijgen duizenden patiënten na een heup- of knieoperatie te maken met infecties die moeilijk te diagnosticeren en nog lastiger te behandelen zijn.
Sabiad, een spin-off van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) die voortbouwt op het onderzoek van prof.dr. Jan Maarten van Dijl, wil daar verandering in brengen. Het bedrijf ontwikkelt innovatieve diagnostische en therapeutische toepassingen rondom één centrale technologie: een antilichaam dat zich uiterst specifiek bindt aan Staphylococcus aureus, een van de belangrijkste veroorzakers van implantaatinfecties. Begin 2026 is het bedrijf van Friesland naar de Healthy Ageing Campus verhuisd.
Van oncologie naar infectieziekten
De wortels van Sabiad liggen deels in de oncologie. Mede-oprichter Ton van den Hoven was eerder betrokken bij SurgVision, een succesvolle UMCG-spin-off die met fluorescerende tracers tumorranden zichtbaar maakte tijdens operaties. “In de oncologie heeft tracertechnologie de afgelopen jaren een enorme vlucht genomen,” zegt Van den Dool. “Wat wij doen, is dat concept doorvertalen naar bacteriële beeldvorming.”
Daarbij speelt ook een persoonlijke ervaring mee. Van den Hoven overleefde enkele jaren geleden een ernstige bacteriële infectie die leidde tot tien dagen intensive care en maanden ziekenhuisopname. “Dan weet je hoe levensbedreigend en ontwrichtend zo’n infectie kan zijn,” aldus Van den Dool. “Die urgentie zit diep in dit bedrijf.”
Tijd winnen is cruciaal
Het kernprobleem bij implantaatinfecties is tijd. De huidige standaarddiagnostiek berust op bacteriekweken, die twee tot vijf dagen duren. In die periode wordt vaak al gestart met breed-spectrum antibiotica, zonder precies te weten welke bacterie de boosdoener is. “En juist in die eerste dagen kan de biofilm zich ontwikkelen,” zegt Van den Dool. “Na vier of vijf dagen is de kans op succes al significant lager.”
Sabiad ontwikkelt daarom een diagnostische test op basis van gewrichtsvloeistof (synoviaal vocht), die buiten het lichaam wordt uitgevoerd. “Je kunt het vergelijken met een coronatest,” legt Van den Dool uit. “Je neemt wat vloeistof af, mengt die met onze test en krijgt snel antwoord. Daarmee win je die cruciale dagen.”
Deze zogeheten ex vivo test heeft een relatief kort regulatoir traject en zou volgens planning rond 2028–2029 op de markt kunnen komen.
Beeldvorming én therapie
Daarnaast werkt Sabiad aan een tracer die direct in de patiënt kan worden toegediend. Deze bindt zich specifiek aan Staphylococcus aureus en maakt de bacterie zichtbaar tijdens beeldvorming. “Als je iets zichtbaar kunt maken, kun je er in principe ook iets aan koppelen,” zegt Van den Dool. “Bijvoorbeeld een therapeutische component.”
Preklinisch onderzoek laat zien dat dezelfde antilichaamtechnologie kan worden ingezet om bacteriën gericht te vernietigen, bijvoorbeeld via fotodynamische therapie (bacteriën gericht doden met licht) of radioactieve isotopen (elementen die straling uitzenden, ingezet voor diagnose of behandeling). Dat traject bevindt zich nog in een vroeg stadium en vereist langdurige klinische studies. Commerciële toepassing wordt hier pas in het volgende decennium verwacht.
Internationale belangstelling
De interesse vanuit de medische wereld is groot, vertelt Van den Dool. In Noord-Nederland werkt Sabiad samen met het Northern Infection Network for Joint Arthroplasty (NINJA), waarin topklinische ziekenhuizen samenwerken rond gewrichtsinfecties. Ook internationaal is er tractie: er lopen preklinische samenwerkingen met onder meer UCLA, en recente gesprekken met grote Amerikaanse ziekenhuizen.
“Dit probleem speelt overal,” zegt Van den Dool. “We worden ouder, krijgen meer implantaten en antibioticaresistentie neemt toe. Iedereen in de zorg ziet dat dit niet houdbaar is.”
Dicht bij het ecosysteem
Sabiad’s keuze voor de Healthy Ageing Campus in Groningen, pal tegenover het UMCG, was bewust, aldus Van den Dool. “Onze klinische studies, microbiologische expertise en orthopedische samenwerkingen zitten hier. Dan wil je letterlijk dichtbij zitten. Zo start de eerste fase nul-studie dit jaar in het UMCG onder begeleiding van professor Paul Jutten van Orthopedie,” legt Van den Dool uit.
Over vijf tot tien jaar verwacht Sabiad onderdeel te zijn van een groter medtech- of farmaceutisch bedrijf. “Onze rol is om de technologie tot en met fase twee van klinische studies te brengen,” zegt Van den Dool. “Daarna is schaal nodig om deze innovatie echt wereldwijd bij de patiënt te krijgen.”
De maatschappelijke impact kan groot zijn. Minder heroperaties, sneller herstel, lagere zorgkosten en gerichter antibioticagebruik. “Iedereen kent wel iemand met een geïnfecteerde prothese,” zegt Van den Dool. “Als wij kunnen bijdragen aan een snellere, betere aanpak, dan maken we echt verschil.”
Artikel: Campus Groningen (auteur Marlies Schipperheijn)
Foto: Saskia van den Dool